Interview met advocaat Unibet

op .

Onlangs heeft Voetbalweddenschappen.com een interview gehad met Justin Franssen van advocatenkantoor Van Mens en Wisselink. Dit advocatenkantoor vertegenwoordigt een aantal buitenlandse bookmakers (Unibet, Betfair) in lopende rechtszaken mbt Nederlandse Overheid en Europese Hof van Justitie.

  • Wat is de huidige stand van zaken mbt de rechtzaak van Unibet vs de Nederlandse overheid? Het laatste nieuws was dat Unibet door de Hoge Raad veroordeeld is tot een boete van 100.000 EUR per dag indien men zou doorgaan met het aanbieden van sportweddenschappen in Nederland.
De Hoge Raad heeft zich nog niet over het handelen van Unibet uitgelaten. Er is wel een uitspraak van de Rechtbank Utrecht in een Kortgeding procedure die door De Lotto is aangespannen tegen enkele Unibet-vennootschappen in Malta en Antigua. Op 5 oktober 2007 heeft de Rechtbank deze vennootschappen (bij verstek, de vennootschappen waren niet behoorlijk opgeroepen voor de zitting) geboden om het onmogelijk te maken dat mensen die zich in Nederland bevinden deelnemen aan de kansspelen die Unibet aanbiedt. Dit verstekvonnis is op 19 maart 2008 bevestigd door de Rechtbank Utrecht. Unibet is in beroep gegaan tegen deze uitspraak.
De zaak zal wellicht in de loop van 2010 opnieuw voorkomen. Bovendien is Unibet ook in de bodemprocedure (bij verstek) op 19 december 2007 veroordeeld. Unibet heeft ook tegen deze beslissing verzet aangetekend.

  • Mogen Nederlandse spelers sportweddenschappen afsluiten bij Unibet volgens de huidige regelgeving?
Volgens de Nederlandse Wet op de kansspelen is het verboden om deel te nemen aan kansspelen, indien de speler weet dat daarvoor geen Nederlandse vergunning is afgegeven. Dit verbod heeft alleen te gelden ten aanzien van deelname aan binnenlandse kansspelen. Unibet neemt het standpunt in dat zij geen kansspelen in Nederland organiseert aangezien onder andere hier ten lande helemaal geen feitelijke handelingen worden verricht door Unibet. De scheidslijn tussen wat exact binnenlandse dan wel buitenlandse kansspelen zijn is echter juridisch (nog) niet nader afgebakend. In een proefprocedure tegen de Staat zal hierover meer duidelijkheid moeten komen (zie vraag 4).

Daarnaast zal het Openbaar Ministerie moeten bewijzen wat een speler wel of niet weet over de vergunning van Unibet welke exercitie ook vrij gecompliceerd is. Tenslotte zal de rechter het verbod voor de speler onverbindend moeten verklaren indien hij oordeelt dat dit verbod strijdig is met Europees recht. Italiaanse wetgeving met een dergelijk verbod is bekritiseerd door het Europese Hof van Justitie (hierna: Hof) in het Gambelli-arrest. Tot op heden is er nog nooit iemand vervolgd wegens het spelen van online kansspelen.

  • Kan het feit dat de Toto momenteel actief reclame maakt voor het afsluiten van voetbalweddenschappen worden gezien als oneerlijke concurrentie?
Volgens Unibet wel: Unibet vindt dat de Nederlandse wetgeving, en in het bijzonder het monopolie van De Lotto (= Toto), in strijd is met Europees recht omdat dit een beperking inhoudt van het vrije verkeer van diensten in de Europese Unie, en deze beperking niet gerechtvaardigd is.

Ironisch genoeg stelt ook De Lotto dat Unibet oneerlijk concurreert met haar, omdat Unibet niet voldoet aan de eisen van de Wet op de kansspelen. Zoals gesteld heeft de Toto een exclusief recht om voetbalweddenschappen af te sluiten in Nederland en is het De Lotto ook toegestaan om reclame te maken voor haar aanbod. Het instellen van een monopolist kan krachtens het recentelijk door het Hof gewezen arrest Bwin/Santa Casa een geschikt middel zijn om de doelstellingen van het kansspelbeleid te waarborgen.

De exclusieve vergunninghouder is (ten aanzien van reclameactiviteiten) wel aan grenzen gebonden. Zo heeft het Hof in het arrest Gambelli geoordeeld dat indien de doelstelling van het kansspelbeleid is om de consument te beschermen, de vergunninghouder niet consumenten mag aansporen en aanmoedigen om deel te nemen aan deze kansspelen opdat de schatkist er financieel beter van wordt. Echter, in het daaropvolgend arrest Placanica heeft het Hof gesteld dat indien de doelstelling van het kansspelbeleid erop gericht is om de exploitatie van kansspelactiviteiten voor criminele doeleinden te voorkomen door een legaal alternatief te creëren, de exclusieve vergunninghouder reclame van bepaalde omvang mag maken. Nederland beroept zich gemakshalve op beide doelstellingen waardoor zij van mening is dat zij zowel een monopolist mag instellen en in stand houden én dat deze monopolist ook actieve reclamecampagnes mag voeren.

Het is echter onzeker of voornoemde beperkende maatregelen in lijn zijn met Europees recht aangezien de Hoge Raad in de zaak Ladbrokes deze vraag heeft voorgelegd aan het Hof die hoogstwaarschijnlijk medio 2010 hierover uitspraak zal doen (zie ook vraag 5).

  • Indien je bij Unibet een grote prijs wint of regelmatig prijzen wint met het afsluiten van voetbalweddenschappen? Moet hierover belasting betaald worden?
De Belastingdienst is van mening dat over de gewonnen prijzen kansspelbelasting moet worden betaald. Zelfs als het aanbod van Unibet illegaal is, moet er nog steeds belasting worden betaald over de prijzen. Belastingheffing over illegale activiteiten is niet nieuw, drugshandelaren worden ook aangeslagen over hun winsten. Spelers zullen over het algemeen alleen te maken krijgen met de kansspelbelasting (en de box III inkomstenbelastingheffing (1,2% over de gemiddelde banksaldo, beleggingen e.d.)). Slechts in zeer uitzonderlijke gevallen kunnen spelers belast worden als ondernemer in de inkomstenbelasting.

Allereerst is het de vraag welk belastingregime van toepassing is: dat voor "online kansspelen" of dat voor "offline kansspelen (niet zijnde casinospelen)". De belastingdienst stelt zich op het standpunt dat er bij sportweddenschappen sprake is van offline kansspelen, ook al worden deze aangeboden via het internet. Met deze stelling zijn wij het overigens niet eens. Wij verwachten dat hierover op relatief korte termijn geprocedeerd zal worden.

Offlineregime
Wanneer de sportweddenschappen beschouwd worden als "offline kansspelen", moet de winnaar 29% kansspelbelasting over de prijs betalen. Ingeval van een binnenlandse aanbieder is de aanbieder verplicht deze kansspelbelasting in te houden op de prijs. Ingeval van een buitenlandse aanbieder zal de speler de belasting op aangifte moeten voldoen. Kleine prijzen tot € 453,- zijn vrijgesteld.

Onlineregime
Wanneer de sportweddenschappen beschouwd worden als "online kansspelen", moet er op maandbasis 29% belasting betaald worden over het "Gross Gaming Result". Het is echter onduidelijk wie de kansspelbelasting moet betalen. Bij binnenlandse online spelen wordt de kansspelbelasting betaald door de aanbieder (inzetten minus uitbetaalde prijzen) en staat de speler verder buiten schot. Bij buitenlandse internetspelen geldt dat er door de speler op aangifte per maand 29% kansspelbelasting moet worden betaald (prijzen minus de inzetten).

Daarbij is momenteel geen verrekening mogelijk van verliesmaanden met winstmaanden. Met name bij online spelen is er echter onduidelijkheid omtrent de vraag wanneer er sprake is van binnenlandse dan wel buitenlandse kansspelen. Voorts is onzeker of de ongelijke behandeling van binnenlandse en buitenlandse kansspelen in strijd is met EU recht of andere verdragsverplichtingen. Daarnaast is er een discussie over de vraag of spelers een beroep kunnen doen op het Besluit Voorkoming Dubbele Belasting 2001. Binnenkort spant een stichting namens een groep pokerspelers een proefprocedure aan tegen de Staat om hier duidelijkheid over te krijgen. Ook spelers van sportprijsvragen kunnen zich hierbij aansluiten.
(Voor meer informatie over de stichting, kansspelbelasting en/of uw specifieke situatie kunt u contact opnemen met de gespecialiseerde advocaten en belastingadviseurs van VMW Taxand.)

  • Welke buitenlandse bookmakers zijn momenteel nog meer in conflict met de Nederlandse overheid?
Van Betfair en Ladbrokes is het bekend dat zij een conflict hebben met de Nederlandse overheid. Deze beide Britse bedrijven procederen al jaren tegen De Lotto en de Nederlandse overheid. In procedures van deze bedrijven bij de Raad van State en de Hoge Raad konden deze (hoogste) rechters niet vaststellen dat het Nederlandse kansspelbeleid in overeenstemming is met het Europese recht. Zij hebben daarom de hoogste Europese rechter, het Europese Hof van Justitie, gevraagd om uit te leggen wat de gevolgen zijn van het Europese recht op de situatie van Betfair en Ladbrokes in Nederland. Op 17 december 2009 heeft de Advocaat-Generaal van het Europese Hof van Justitie antwoord gegeven op deze vragen.

De conclusie van de Advocaat-Generaal wordt gezien als belangrijke leidraad voor het Hof echter deze is niet bindend. De Advocaat-Generaal geeft kort gezegd aan dat het Nederlands éénvergunningstelsel in overeenstemming kan zijn met Europees recht. Voorts verwerpt hij het beginsel van wederzijdse erkenning.
Dit beginsel houdt kort gezegd in dat de bevoegde autoriteiten door andere lidstaten afgegeven kansspelvergunningen moet erkennen en niet activiteiten van kansspelaanbieders zonder Nederlandse vergunning, en gevestigd in een andere lidstaat, mag verbieden indienen deze aanbieders reeds over een kansspelvergunning beschikken afgegeven door die lidstaat van vestiging.

Daartegenover stelt de AG dat de wijze waarop de Nederlandse kansspelvergunningen worden verleend ook dienen te voldoen aan algemene beginselen van Europees recht, zoals het transparantiebeginsel en het gelijkheidsbeginsel. Een lidstaat mag weliswaar ervoor kiezen om de vergunning aan één aanbieder te gunnen, maar op grond van het transparantiebeginsel en het gelijkheidsbeginsel dient wel te gelden dat aan elke potentiële geïnteresseerde (buitenlandse) aanbieder, een passende mate van openbaarheid wordt gegarandeerd, zodat de vergunning voor mededinging openstaat en deze gunningprocedure op onpartijdigheid kan worden getoetst. Of de Nederlandse vergunningprocedure in overeenstemming is met voornoemde beginselen is twijfelachtig. Dit is dus een opsteker voor Betfair en Ladbrokes. We verwachten dat het Hof medio 2010 uitspraak zal doen in genoemde zaken.

  • Kun je de rechtszaak die Portugal heeft aangespannen tegen Bwin nader toelichten inclusief de gevolgen hiervan?
Bwin sponsorde in Portugal de hoogste klasse in het betaald voetbal. De Portugese monopolist voor sportprijsvragen, Santa Casa, ondernam vervolgens actie. Net als de Hoge Raad en de Raad van State in Nederland wist ook de rechtbank in Porto niet of zijn nationale kansspelwetgeving en het monopolie op sportprijsvragen toegestaan zijn op grond van het Europese recht en vroeg het Europese Hof van Justitie om uitleg. Dit Hof heeft nu duidelijk gemaakt dat aanbieders van online kansspelen uit andere Lidstaten zich in Portugal niet kunnen beroepen op hun online kansspel vergunning in een andere Lidstaat van de EU (verwerping beginsel wederzijdse erkenning). De Portugese situatie, met name de controle op de monopolist en de doelstelling van de kansspelwetgeving, is anders dan in Nederland. Het is daarom onjuist om te zeggen dat de uitspraak over Portugal ook automatisch geldt voor Nederland.

  • Kun je wat meer vertellen over de commissie Jansen?
De Minister van Justitie is niet blind voor de vraag naar online kansspelen. Het doel van het Nederlandse beleid is om de "speeldrang te kanaliseren". Oftewel: de overheid heeft liever dat je niet gokt, maar als je het doet, dan moet je het doen in een door de overheid gecontroleerde veilige en betrouwbare omgeving. Hetzelfde wil de Minister doen met online kansspelen. Dit heeft hij al eerder geprobeerd: het plan was om Holland Casino een exclusieve vergunning te geven om te experimenteren met online kansspelen. Dit plan is in april 2008 afgeschoten door de Eerste Kamer. Om alsnog een legaal aanbod van online kansspelen mogelijk te maken heeft de Minister een commissie samengesteld van deskundigen die gaat adviseren over de manier waarop online kansspelen in Nederland moeten worden gereguleerd. In dat advies zou dan specifiek aandacht moeten zijn voor de consequenties voor de Europeesrechtelijke houdbaarheid van het Nederlandse kansspelbeleid, aard en omvang van het illegale aanbod, de vergunningafgifte, soortgelijke ontwikkelingen in andere EU-lidstaten en de bescherming van kwetsbare groepen, zoals minderjarigen en jong volwassenen.

  • Wanneer verwacht je het eindrapport van de commissie Jansen?
Het is de bedoeling dat het rapport uiterlijk 1 maart 2010 openbaar wordt gemaakt.

  • Landen als Italië, Frankrijk, Denemarken zijn onlangs over gegaan tot geheel of gedeeltelijke liberalisering van de gokmarkt. Kun je hier iets meer over kwijt?
De ontwikkelingen in Europa gaan voor een groot deel dezelfde kant op. De kansspelsector wordt in Nederland nog behandeld zoals de post-, telecom- en energiesector vóór de liberalisering. Vroeger vond de overheid nog dat deze diensten moeten worden aangeboden door staatsbedrijven en dat concurrentie onwenselijk is. Dat vindt zij nog steeds van kansspelen. In andere landen is het beleid ten aanzien van de kansspelmarkt zich aan het ontwikkelen naar een systeem waarbij er toezicht wordt gehouden op de marktpartijen, maar wel concurrentie bestaat. In Italië is het nu voor buitenlandse aanbieders ook mogelijk om online kansspelvergunningen te verkrijgen, mits voldaan wordt aan de eisen van de Italiaanse wetgeving. Ook Denemarken, Frankrijk, België en Spanje gaan online kansspelvergunningen verlenen. Een katalysator van deze ontwikkeling is het internet, en het wegvallen van de grenzen binnen de Europese Unie: het is voor de consument veel makkelijker geworden om in het buitenland producten of diensten te kopen, en de nationale grenzen zijn moeilijk te handhaven op internet.

  • Wat zegt je eigen gevoel mbt de liberalisering van sportweddenschappen in Nederland? Blijft het monopolie van de Nederlandse staat gehandhaafd of kunnen we in de toekomst een dergelijke scenario verwachten als bovengenoemde landen?
Op de lange termijn verwachten wij dat het mogelijk wordt om meerdere vergunningen te krijgen voor kansspelen waarvoor nu nog een monopolie bestaat, zoals de sportprijsvragen. Op de korte termijn verwachten wij dat de wijze waarop de kansspelvergunningen worden verleend zal wijzigen. Het College van Toezicht op de kansspelen dringt al sinds 2005 aan op een "transparante allocatieprocedure" voor kansspelvergunningen en daarnaast heeft ook de Europese Commissie veel kritiek op het stelsel in Nederland, met name op het gebied van sportprijsvragen. Een transparantie allocatieprocedure houdt in dat de vergunningen van de huidige vergunninghouders, zoals De Lotto, niet meer automatisch verlengd zullen worden, maar dat de selectiecriteria openbaar worden gemaakt. Dit zou ook moeten leiden tot openstelling van de vergunningverleningprocedure voor andere aanbieders.

In december 2008 heeft de Minister van Justitie aangekondigd dat hij de vergunningen voor goede doelenloterijen, de lotto, krasloten, sportprijsvragen en de paardenweddenschappen in de toekomst via "objectieve en transparante procedures" af wil geven. Dit kan er toe leiden dat het ook voor andere organisaties dan De Lotto mogelijk wordt om de vergunning voor het aanbieden van sportprijsvragen te krijgen. Bovendien overwoog de eerder aangehaalde Advocaat-Generaal Y.Bot van het Hof, dat een niet-gerechtvaardigde verlenging van de vergunning aan een enig toegelaten exploitant zonder een oproep tot mededinging van andere aanbieders, in strijd kan zijn met beginselen van Europees recht.
Indien het Hof deze overweging overneemt is onze verwachting dat de Minister niet om een systeemwijziging heen kan.

Pin It